3e meedenkavond (2 april 2026): vragen en antwoorden
Terug naar meedenkgroepOok tijdens de derde meedenkavond stelden de deelnemers weer veel vragen aan team Woningwarmte (voorheen Zonnewarmte). Hieronder staan alle vragen en antwoorden, gegroepeerd per onderwerp. Klik op een vraag om het antwoord te lezen.
Algemeen
1. Hoe breed toepasbaar is de kennis die we gaan opdoen over bodemlussen voor de rest van Nederland / de wereld?
Bodemlussen bestaan al heel lang en worden vooral toegepast op de schaal van één woning. Bij nieuwbouwprojecten is het serieel aanleggen van bodemlussen wel vaak de praktijk. In de bestaande bouw, zoals onze wijk, is het relatief nieuw. In andere delen van het land wordt het ook onderzocht en uitgevoerd, zoals in Enkhuizen en Utrecht. Recent zijn ook initiatieven in Amsterdam en Leiden bekendgemaakt.
2. Per wanneer gaat het gas afgesloten worden? Is dat niet een item om te communiceren? Dat trekt mensen wellicht over de streep om aan te haken bij het project.
Dit ligt echt bij de gemeente Haarlem; hier gaan wij niet over. De gemeente heeft de ambitie om heel Haarlem in 2040 van het gas te krijgen. Hiervoor worden nu per wijk plannen gemaakt.
3. Is de slagingskans niet groter als er sowieso een warmtebedrijf komt dat ontzorgt?
Ontzorging is een belangrijk thema; dat bleek ook uit de doelstellingen die in de eerste bijeenkomst van de meedenkgroep zijn vastgesteld. In alle varianten is ontzorging mogelijk. Als ontzorging (ook) vooral is: ik hoef niet te investeren in een bodemlus en warmtepomp (en toebehoren), dan is de collectieve bodemlusoptie zoals wij die nu onderzoeken met De Warmte Maatschappij een aantrekkelijk alternatief. Bedenk wel dat er in een dergelijke opzet een initiële bijdrage (basisaansluitkosten, BAK) wordt gevraagd die financieel ook wat vraagt van het huishouden. Er zijn ook opties denkbaar waarbij er een warmtebedrijf is dat een veel beperktere rol neemt, en niet de voorinvestering doet in de warmtepomp, etc.
4. De glasvezelbenadering geeft verwarring!
We zullen die niet meer gebruiken.
5. Ik zou graag een project van bodemlussen zien. Kan dat?
Dat is precies waar we mee bezig zijn!
6. Hoe ga je binnen vier jaar zorgen dat alle woningen in deze wijk op hetzelfde isolatieniveau komen? Hoe gaat men daarbij om met huurwoningen en coöperaties?
Dit is een grote uitdaging. In de meer collectieve opties is op hetzelfde isolatieniveau komen een 'must'. Bij de collectieve bodembron kan een rijtje woningen pas aangesloten worden als alle woningen de ingangseis qua isolatie hebben gehaald. Hierbij ben je dus deels afhankelijk van je buren. Bij de meer individuele varianten (individuele bodembron, de duo-bodembron samen met je buren, of PVT-standalone) ben je minder afhankelijk van je buren, maar wel van je straat- en wijkgenoten. Immers: om de bodembron financieel haalbaar te maken, is serieel boren een must. Om serieel boren haalbaar te maken, is er een minimumvraag nodig van woningen die dicht bij elkaar liggen. Deze deelnemers zullen dan wel geschikt moeten zijn voor een bodembron en dus geïsoleerd moeten zijn.
We gaan bewoners flink ontzorgen qua isolatie. De plannen hiervoor worden na de go / no-go in mei bekendgemaakt.
7. Volledige afstemming: wat gebeurt er met mensen/woningen die net nieuwe zonnepanelen hebben en een nieuwe cv-ketel? Moet dat dan weer binnen vier jaar weg?
De keuze ligt geheel bij de bewoner zelf om mee te doen. Zonnepanelen kunnen de ruimte voor PVT-panelen wegnemen, en dan ligt de PVT-standalone-optie misschien minder voor de hand. Overigens zijn er ook mogelijkheden waarbij het 'T-deel' achter een bestaand PV-deel (zonnepaneel) gemonteerd kan worden. Iedere optie met een bodemlus is prima te combineren met zonnepanelen. Een relatief nieuwe cv-ketel is ook een persoonlijke afweging om deze versneld af te schrijven (en/of te verkopen).
8. Over vraag 33: met betrekking tot het 'voeden van PVT-panelen' is het antwoord nog niet helemaal duidelijk.
De vraag en het antwoord waren als volgt. V: Eigendom: hoe passen de PVT-panelen in dit beeld qua kosten? Die voeden niet de bodemlus, wat leveren ze dan? A: In het collectieve bodembronsysteem dat het projectteam op het oog heeft, voeden de PVT-panelen de bodembron (als PVT-panelen onderdeel van het concept worden; dat is nog onderwerp van onderzoek). Het bedrijf dat dit levert, heeft deze techniek in huis.
PVT-panelen kunnen een zelfstandige bron zijn voor een warmtepomp. Dat noemen we steeds PVT-standalone. In die situatie leveren de PVT-panelen de warmte die de warmtepomp nodig heeft, om dat vervolgens op te waarderen tot warmte voor ruimteverwarming en warm tapwater.
Bij de collectieve bodembron spreken we momenteel met De Warmte Maatschappij. Binnen dit concept ontstaat er op het niveau van een woningblok een soort mini-warmtenetje. Dit warmtenetje kan meerdere warmtebronnen hebben: in principe altijd bodemlussen, maar er kan ook PVT bij. In dat geval voedt de PVT ook het warmtenetje als er warmtevraag is. Als er geen warmtevraag is, of de PVT overtollige warmte heeft, kunnen hiermee de bodembronnen geregenereerd worden.
9. Over vraag 52: wordt het systeem niet veel duurder doordat je op een 'algemeen' (energievraag) isolatieniveau gaat dimensioneren?
De vraag en het antwoord waren als volgt. V: Hoe zit het als bij een collectief van bijvoorbeeld 4 huizen het ene huis veel beter is geïsoleerd dan het andere, en wat zijn de consequenties voor de warmtepomp? A: Zie hiervoor de eerdere antwoorden. Het is van belang dat buren (min of meer) gelijk geïsoleerd zijn, omdat bij een gezamenlijke (twee buren) of collectieve bron (meerdere buren) het systeem gedimensioneerd moet worden op het warmteverlies van alle woningen. Als deze (zwaar) uit verhouding liggen, zal:
- op één van de woningen waarschijnlijk geen warmtegarantie kunnen worden gegeven en kan die (daarom) niet aangesloten worden;
- als het bovenstaande niet geldt, er gedimensioneerd worden waarbij één woning bovengemiddeld veel bodemluslengte nodig heeft ten opzichte van de beter geïsoleerde woningen. Dit kost extra geld, en dat zou dan door alle woningen opgebracht moeten worden. Dat is niet eerlijk. Hier is overigens wel een verdeelsleutel in te maken, maar dat is complex en niet ideaal.
In alle gevallen geldt: het is noodzakelijk en eerlijk om van een bepaalde 'ingangseis' qua isolatiegraad uit te gaan.
Als een systeem eenmaal gedimensioneerd en aangelegd is (en die kosten pro rata zijn verdeeld), zal het een warmtegarantie moeten kunnen leveren voor alle woningen in het collectieve systeem. Vervolgens gaat het om verbruik. In het collectieve bodembronsysteem dat wij op het oog hebben, betalen bewoners een tarief voor hun verbruik.
De dimensionering zal altijd gebaseerd zijn op het gemeten warmteverlies van de woning of het blok woningen. Er zal dus niet overgedimensioneerd worden; dat maakt het inderdaad duurder dan noodzakelijk. Het is daarom zaak om eerst te isoleren, voordat het warmteverlies van de woningen wordt bepaald waarop de dimensionering van de bodemlussen en warmtepompen wordt gebaseerd. Pas als woningen voldoende geïsoleerd zijn, is het zinvol om deze dimensionering te doen.
10. Is het nodig om steeds naar de dakgoten te gaan? De watertoevoer en -afvoer vanaf de warmtepomp wordt vaak veel te duur uitgevoerd; kun je niet gewoon zo kort mogelijk op de bestaande cv-leidingen aansluiten?
De volledige vraag verwees naar een video van 'Ketel Klets' (energienerd, zie zijn filmpjes op internet), die bij zijn bespreking van de warmtepomp opmerkte dat de cv-leidingen logischerwijs door het hele huis lopen en dat je zonder problemen overal de aan- en afvoer aan de cv-leidingen kunt koppelen, dus ook ergens beneden waar het water je huis in moet. Dat zou veel geld schelen en bovendien minder warmteverlies geven.
We kunnen hier niet precies duiden wat wordt bedoeld. Wat in ieder geval niet kan, is de warmtebron (zoals een bodemlus of PVT-panelen) direct aansluiten op de leidingen van de centrale verwarming. Deze leidingen zitten nadat de cv-ketel (of in de toekomst de warmtepomp) warmte levert die geschikt is voor ruimteverwarming (zeg 35 of 55 °C). De warmte die uit een bodemlus komt, varieert tussen de 0 en 11 °C.
Betaalbaarheid
11. Worden de maandelijkse kosten niet te duur door stijgende kosten?
De gevoeligheid van de verschillende warmteoplossingen voor prijsstijgingen verschilt. Gas is bijna volledig afhankelijk van de stijging van de gasprijzen, iets dat momenteel weer heel actueel is. Bij alle oplossingen met een warmtepomp wordt er geïnvesteerd in een warmtepomp, die een levensduur heeft van 15 jaar. Stel: je financiert de warmtepomp (en toebehoren) met een duurzaamheidslening met een looptijd van 15 jaar tegen 1,7%. Dan weet je voor 15 jaar precies welk maandbedrag je hieraan kwijt bent. Dan zijn er nog elektriciteitskosten die wel kunnen stijgen of dalen (net als gas), maar dit is een veel kleiner deel van de totale kosten, ten opzichte van gas waar de gasprijs bijna 100% van de kosten vertegenwoordigt.
12. Is de investering niet wat hoger omdat apparaten vernieuwd moeten worden na 15 jaar?
Dit wordt meegerekend in de kosten. We kijken naar de totale kosten over 30 jaar. Dit zijn dus:
- Alle investeringen in apparatuur, ook als deze halverwege de periode van 30 jaar vervangen moet worden.
- Alle financieringskosten om deze apparatuur te kopen. Bij een lening zijn dit rentekosten. Als je het betaalt met spaargeld is dit gederfde rente. (We gaan momenteel uit van een mix tussen lenen en spaargeld.)
- Alle variabele kosten, zoals de kosten voor gas (bij de gasoplossing) of voor elektriciteit (voor warmtepompen).
- Alle andere kosten, zoals vastrecht (bij de collectieve warmteoplossing).
Gedeelde bodemlus
13. Worden de leidingen van de bodemlus tot het huis middels een ondergrondse boring naar het huis gebracht?
De leidingen worden ondergronds aangebracht. De meeste partijen die wij nu gesproken hebben, geven aan dat dit middels graafwerk wordt aangelegd. Zogenoemd sleufloos aanleggen / gestuurd boren is met name geschikt voor kabels. Voor leidingen is dit nog niet de standaard in Nederland.
14. Hoe krijgt Woningwarmte zijn investeringsvermogen om in de straat te boren?
Als Woningwarmte zelf deze investering doet, zal dit middels een lening bij een bank en met subsidies zijn.
Individuele bodemlus
15. Op welke optie qua warmteoplossing komt de hoogste prioriteit te liggen?
We wegen alle oplossingen op vier hoofdcriteria: energetisch (hoeveel energie 'van buiten' vraagt de oplossing?), economisch (wat zijn de kosten over de levenscyclus van de oplossing?), ruimtelijke inpassing (waaronder inpassing van fysieke elementen zoals kasten en buitenunits, en geluid) en betrouwbaarheid. Hieronder zitten subcriteria. Uit de meedenkgroep komt waarschijnlijk verdieping van deze criteria, kan de onderlinge afweging verschuiven en komen er mogelijk nieuwe criteria bij.
Op basis van deze afweging zal er uiteindelijk een prioriteit gesteld worden.
Collectieve bodemlus per woningblok
16 & 17. Wat is het minimum aantal deelnemers voor een collectieve bodemlus? En hoeveel huishoudens moeten meedoen voor een collectief warmtebedrijf?
Dit zijn we nog scherp aan het krijgen. We verwachten dat ten minste driekwart van de bewoners binnen een blok mee zal moeten doen. Om een collectief warmtebedrijf überhaupt te kunnen starten, zijn minstens 40 deelnemers nodig (dit zijn dus meerdere woningblokken).
18. Is er een bepaalde spreiding nodig voor de collectieve bodemlussen?
Ja, bodemlussen moeten niet te dicht bij elkaar zitten en hebben onderlinge afstand nodig. Dit is doorgerekend in de haalbaarheidsstudie van GroenHolland: met veel bodembronnen in de wijk treedt er altijd 'interferentie' op. Dat betekent dat de bronnen elkaar beïnvloeden. De haalbaarheidsstudie heeft gekeken of het desondanks mogelijk is om de hele wijk van bodemlussen te voorzien, en de conclusie is dat dat kan. Dit zal in een volgende fase preciezer onderzocht moeten worden op basis van de exacte warmtevraag van alle woningen in de wijk.
19. Bij een gedeelde bodemlus: hoe regel je dat goed?
De vraag is niet geheel duidelijk, maar als dit gaat over hoe je dit juridisch regelt: bij een gedeelde bodembron met de buren zullen het eigendom en de wederzijdse rechten en plichten notarieel geregeld worden en ingeschreven worden in het kadaster. Het gaat dan om opstalrechten en erfdienstbaarheden. De exacte uitwerking wordt momenteel door een jurist uitgezocht.
20. Hoeveel gaat er af aan CO₂ als je een put legt bij een bodemlus?
Deze vraag is helaas niet voldoende duidelijk om zonder verdere uitleg te kunnen beantwoorden.
21. Een bodemlus is een plastic buis die (meer dan 1000 jaar) in de grond blijft – is dat duurzaam?
We zijn benieuwd hoe de meedenkgroep hier tegenaan kijkt, en hoe zwaar dit weegt. Voor veel andere nutsvoorzieningen ligt er ook materiaal in de grond dat niet afbreekbaar is (immers: anders is het niet bruikbaar als distributieleiding). Voor het Zonnewarmtenet zouden er ook veel (horizontale) leidingen zijn gelegd. Hetzelfde geldt voor bodemlussen. Doordat deze verticaal liggen, zijn ze zeer moeilijk te verwijderen. Het Bal (Besluit Activiteiten Leefomgeving) schrijft voor dat bij beëindiging van een gesloten bodemenergiesysteem de circulatievloeistof uit de buizen wordt verwijderd en dat het systeem zó wordt opgevuld dat waterscheidende lagen in de ondergrond in stand blijven. Ook staat er expliciet dat het ondergrondse deel niet wordt verwijderd voor zover het dieper ligt dan 10 meter onder maaiveld.
Ruimtelijke inpassing
22. Radius warmteonttrekking warmtelus?
Deze vraag is helaas niet voldoende duidelijk om zonder verdere uitleg te kunnen beantwoorden.
23. Subsidies?
Deze vraag is helaas niet voldoende duidelijk om zonder verdere uitleg te kunnen beantwoorden.
24. Tweede fase?
Deze vraag is helaas niet voldoende duidelijk om zonder verdere uitleg te kunnen beantwoorden.
25. Hoe doen we de ruimtelijke inpassing in kleine woningen met gezinnen zonder verbouwplannen?
Er zijn oplossingen voor beperkt ruimtegebruik, zie bijvoorbeeld de warmtepompkelder en de kleine modellen warmtepomp. We hebben hier nog onvoldoende specificaties van om dit nu al mee te nemen in de kosten. In het algemeen kan gezegd worden dat de warmtepompkelder een extra kostenpost is. De kleine modellen warmtepomp (zeg: het keukenkastmodel) zijn dat niet, maar de woning moet dan wel een warmtepomp met relatief laag vermogen nodig hebben (= goed geïsoleerd zijn). We hebben nog onvoldoende zicht op hoe makkelijk deze kleinere warmtepompen in te passen zijn qua leidingwerk.
Lucht-water-warmtepomp
26. Wat is het COP-getal van de lucht-water-warmtepomp?
De SCOP van de lucht-water-warmtepomp is 3,45 bij een afgiftetemperatuur van 35 °C en 2,87 bij een afgiftetemperatuur van 55 °C. Dit is afgeleid uit de NTA 8800.
Vul je gegevens in voor een gratis woningcheck. In een paar minuten weet je waar je woning staat.