Zonnepanelen: PV en PVT
De meeste mensen kennen zonnepanelen als stroomleverancier. Er bestaat ook een variant die daarnaast warmte oogst voor een warmtepomp. Welke van de twee zinvol is, hangt af van je dak en van de warmteoplossing die je kiest.
Stroom, warmte of allebei
De zon is een uitstekende energiebron voor het verduurzamen van woningen: als bron van elektriciteit, van warmte, of van beide tegelijk. Een gewoon zonnepaneel (PV) wekt alleen elektriciteit op. Een PVT-paneel combineert dat met een thermische laag die warmte levert en kan daarmee als bron voor een warmtepomp dienen. Welk type zinvol is hangt af van de gekozen warmtetechniek en de beschikbare dakruimte.
Wat is PVT precies?
PVT staat voor PhotoVoltaïsch & Thermisch. Een PVT-paneel bestaat uit twee lagen: bovenop een efficiënt zonnepaneel dat elektriciteit opwekt uit zonlicht, en daaronder een thermische laag die als warmtewisselaar werkt. Die thermische laag onttrekt warmte aan de buitenlucht – ook 's nachts en ook in de winter – en fungeert zo als warmtebron voor een warmtepomp. Met hetzelfde dakoppervlak als bij een gewoon PV-paneel wek je dus aanzienlijk meer energie op, in twee vormen tegelijk.
Wat wek je met een PVT-paneel op?
Met een PVT-paneel wek je zowel elektriciteit als warmte op. De collector onder het zonnepaneel bevat een water-glycolmengsel dat energie uit de omgeving absorbeert; die vloeistof stroomt naar de warmtepomp, die er de energie aan onttrekt en daarmee het water voor de radiatoren en het tapwater opwarmt. Als vuistregel geldt: bij een gemiddelde woning met schilisolatie op labelniveau C is circa 12 m² PVT nodig, en dat oppervlak wekt tevens een groot deel op van de elektriciteit die de warmtepomp jaarlijks verbruikt.
Lees meer over PVT als warmteoplossing.
Is mijn dak geschikt?
Voor de PVT-oplossing moet voldoende dakruimte beschikbaar zijn. Dat hoeft niet per se een aaneengesloten dakvlak te zijn: panelen kunnen op verschillende dakvlakken worden gelegd, soms zelfs richting de noordzijde. Als richtwaarde is voor een gemiddelde woning zo'n 12 m² dakruimte nodig. Een adviseur of installateur beoordeelt de situatie definitief ter plaatse.
Is een versteviging van mijn dak nodig?
Normaal gesproken is een dakconstructie sterk genoeg om PVT-panelen te kunnen dragen. Het gemiddelde gewicht van een PVT-paneel gevuld met vloeistof is zo'n 27 kg/m², vergelijkbaar met een gewoon zonnepaneel plus ballast. Bij twijfel, bijvoorbeeld bij oudere of licht geconstrueerde daken en bij platte daken met ballastopstelling, laat je de constructie beoordelen door de installateur of een constructeur.
Breng je woning in een paar minuten online in kaart voor een inschatting of dat op jouw dak past. Hoe die schatting tot stand komt en waar je op let bij een plat of schuin dak, lees je bij hoeveel m² PVT er op je dak past.
Aanmelden, meter en groepenkast
Moet ik mijn panelen aanmelden bij de netbeheerder?
Ja. Voor een particuliere woning is het wettelijk verplicht om zonnepanelen – PV én PVT – aan te melden bij de netbeheerder. Er komen steeds meer opwekinstallaties op het elektriciteitsnet, en netbeheerders hebben dit inzicht nodig om de energiestromen op het net te kunnen sturen.
Het aanmelden gebeurt via het gezamenlijke portaal van de Nederlandse netbeheerders: energieleveren.nl, waar je jouw installatie eenvoudig zelf aanmeldt. Of vraag je installateur dit voor je te doen.
Waar vind ik het meternummer van mijn elektriciteitsmeter?
Het meternummer staat op de meter zelf, meestal boven of onder de streepjescode op het typeplaatje, en daarnaast op de jaarafrekening van je energieleverancier. Je hebt het nodig bij het aanmelden van zonnepanelen en bij het aanvragen van een meterwissel of verzwaring.
Is mijn energiemeter geschikt voor teruglevering?
Een moderne slimme meter registreert teruglevering correct. Heb je nog een oude (draaischijf)meter, dan is die op aparte registratie van teruglevering niet berekend. Bij het verzwaren van de aansluiting naar 3-fasen plaatst de netbeheerder sowieso een nieuwe slimme meter die geschikt is voor teruglevering; ook los daarvan kun je bij de netbeheerder een slimme meter aanvragen.
Salderen tot en met 2026
Tot en met 2026 geldt de salderingsregeling: de stroom die je met je PV(T)-panelen teruglevert aan het net, wordt binnen het kalenderjaar verrekend met de stroom die je afneemt, tot het bedrag dat je zelf verbruikt. Zo betaal je feitelijk geen energiebelasting en netbeheerkosten over het deel dat je zelf hebt opgewekt en op een ander moment weer gebruikt.
Deze regeling vervalt per 1 januari 2027. Daarna krijg je voor teruggeleverde stroom een vergoeding van je energieleverancier in plaats van salderen; tot 2030 moet die vergoeding minimaal 50 procent van het kale leveringstarief bedragen. Zonnepanelen blijven ook na 2027 rendabel, zeker als je de opgewekte elektriciteit direct zelf verbruikt, alleen wordt de terugverdientijd iets langer.
Moet de groepenkast worden uitgebreid bij PV(T)-panelen?
Ja, er moet een aparte groep in de meterkast komen voor PV(T)-panelen. Panelen leveren stroom zodra er licht op valt; je kunt ze weliswaar uitschakelen via de omvormer, maar een eigen groep is veiliger en bij een vermogen boven 600 W wettelijk verplicht. Eén PVT-paneel levert 375 tot 450 Wp; bij twee panelen zit je dus al boven die norm.
Dit sluit aan op de aparte groepen die ook je warmtepomp en inductiekookplaat nodig hebben: laat de installateur de groepenkast in één keer toekomstvast maken. Zie elektra.
Vul je gegevens in voor een gratis woningcheck. In een paar minuten weet je waar je woning staat.